Praten met een stervende

ik-voel-me-ongemakkelijkOns onbehagen voor de dood zorgt ervoor dat we het moeilijk of zelfs onmogelijk vinden om met een stervende te praten over wat er aan de hand is, namelijk dat de stervende dood gaat. Vaak praat men over veel dingen behalve over het feit dat iemand stervende is en zijn dagen op aarde zijn geteld.

Nervositeit om met een stervende te praten is normaal,  je hoeft je niet schuldig te voelen als ook jij het onderwerp vermijdt.  Het is ook moeilijk om de juiste toon te vinden. Je wilt niet te triviaal zijn alsof de dood niets voorstelt, maar je wilt ook niet te dramatisch doen en elk levensgenot en elke hoop, die de stervende heeft, de stervende ontnemen.

Je weegt af of je wel zult vertellen over de nieuwe auto van de buurman of dat je naar de prognose van de stervende zult vragen. En niet wetend welke van de twee, zwijg je maar en pakt het onderwerp “weer“ om toch maar wat te zeggen. Maar niet alleen jij vindt het moeilijk.

Dood gaan is ook voor de stervende een nieuwe ervaring.  Een nieuwe ervaring, met emoties en gedrag, die ook de stervende nog nooit mee heeft gemaakt. De stervende kan dus niet van te voren aangeven wat hij nodig heeft. Wil hij vandaag gewoon een praatje over het weer, of wil hij een diepgaand gesprek over de dood? Dat kan van dag tot dag veranderen. Het fijne is dat je gewoon kunt vragen waarover de stervende wilt praten. Je kunt gewoon zeggen: Ik weet niet wat ik tegen je kan zeggen vandaag. Zullen we over voetbal praten of over je chemotherapie? Zo laat je het bij de stervende liggen waar het gesprek over gaat.

olifant in de kamerNiet praten over de dood, laat de dood niet weg gaan. Natuurlijk kan het soms zijn, dat er een luchthartig gesprek is waarin jullie beide zich fijn voelen. Maar als de olifant in de kamer is, laat dan aan de stervende weten dat ook jij weet dat de olifant er is. Anders staat de aanstaande dood tussen jullie in, waardoor jullie emotioneel, gevoelsmatig niet meer dicht bij elkaar kunnen komen. Omdat dat wat zo duidelijk aanwezig is, angstvallig als onderwerp wordt vermeden. En juist in de laatste periode van het leven is de liefdevolle verbinding vanuit het hart zo belangrijk voor de stervende. Dat is wat hij meeneemt als hij overgaat.

Chris was 18, toen bij zijn vader de diagnose kanker was gesteld.   Via internet zocht Chris alle informatie op, die hij over de soort kanker van zijn vader kon vinden. Hij besefte dat de overlevingskans voor zijn vader erg klein was. Zijn vader acteerde echter alsof het een kwestie van een paar chemokuren was om weer vol in het leven te kunnen staan. Chris wou zijn vader niet alle hoop ontnemen, maar kon ook niet verder met het beeld wat zijn vader schetste, terwijl hijzelf een ander beeld had van de toekomst van zijn vader. Hij confronteerde zijn vader met de werkelijkheid. De vorm kanker die doorgaans binnen zeer korte tijd tot de dood leidt. De vader van Chris was erg blij met deze confrontatie. Nu hoefde hij voor iedereen niet hoog te houden dat hij beter zou worden. De vader van Chris wist namelijk zelf ook wel beter, maar omdat niemand er tot dusver over sprak, deed hij wat zijn omgeving ook deed. Nu kon hij zich voorbereiden op de naderende dood. Had Chris hem al zijn hoop ontnomen? Nee, hoop kan blijven, tot zelfs het moment van overlijden.  Een andere hoop, ja, dat wel. In plaats van de hoop om beter te worden, de hoop om bijvoorbeeld de verjaardag van je zoon nog mee te maken. Tot-ooit-als-we-elkaar

Tot de laatste hoop als je sterft, de hoop dat je elkaar ooit weer terugziet.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s