Oma, weet je wie ik ben?

AlzheimerIn dit stukje gebruik ik “oma” als de naaste die de ziekte van alzheimer heeft.

Het is voor volwassen al moeilijk om te gaan met een naaste die de ziekte van Alzheimer heeft, voor het kind is dat zeker. De bovengenoemde vraag kan erg pijnlijk zijn, zowel voor de ouder als voor het kind. Je moeder heeft de ziekte van Alzheimer en herkent jouw kind, haar kleinkind niet meer. Je gevoelens van boosheid, omdat je kind pijn heeft, verdriet omdat je moeder steeds meer van haar cognitieve vermogens verliest, angst voor wat er nog meer zal gaan komen strijden om een plekje in de chaos van emoties die vaak met het omgaan met een ouder met de ziekte van alzheimer gepaard gaat.

De ziekte van Alzheimer neemt een geliefd persoon die je kent, langzaam maar zeker van je af. Elke keer moet je weer een stukje van deze geliefde persoon loslaten, mag je weer een stukje rouwen om dat wat nu verdwenen is.

En over dat telkens weer een stukje rouwen  mag over gepraat worden. Zowel met de volwassenen als met de kinderen die ook het neerwaartse proces meemaken. Soms gebeuren er onwerkelijke dingen voor het kind. Oma, die altijd zo dol op hem was, die altijd voor hem klaar stond, spelletjes met hem deed, weet niet meer hoe hij heet? Of is ze een spelletje aan het spelen?

Kinderen mogen dus ingelicht worden over de ziekte die oma heeft en hoe de ziekte zich vermoedelijk zal ontwikkelen, reeds in de beginfase van de ziekte. En telkens weer, als de ziekte verder gaat en meer details nodig zijn,  het kind ook weer ouder is geworden, zodat het kind op haar ontwikkelingsniveau kan begrijpen wat er met oma aan de hand is. Samen huilen en rouwen om het feit dat oma niet meer weet wie hij of zij is.

Alzheimer2Een kind dat ouder is, kan het ook fijn vinden om mee te dragen in de zorg van oma.  Dat helpt om de situatie zoals hij is meer als normaal te zien. Samen met mama of papa zorgen voor oma. Samen met mama of papa en oma de dingen doen die oma nog wel kan, en samen met mama of papa bespreken de dingen die oma niet meer kan.  Deze taken mogen natuurlijk niet interfereren met het normale leven van het kind. Maar ook samen nog praten over hoe oma vroeger was, zodat het kind ook dit beeld blijft vasthouden en later niet alleen de laatste fase van oma’s leven  herinnert.

Ben ook open over je eigen gevoelens, je onzekerheid, zodat het kind zich ook vrij voelt om over zijn gevoelens te praten, om vragen te stellen als het kind ergens onzeker over is, als hij of zij iets wilt weten.

Natuurlijk kan er iets onverwachts gebeuren als je samen met het kind bij oma bent. Een situatie waardoor zowel oma, jijzelf als je kind in de war raken. Oma die ineens erg boos wordt  of met dingen gooit, die uitvalt naar je kind, omdat ze denkt dat het  haar jongere broertje is die haar pop heeft afgepakt, of oma die onverwacht een hap uit een bord wil nemen. Ik herinner me nog dat ik me doodschrok als 9 jarig meisje, die niet wist dat haar grootvader dementerende was. Ook al heb je je kind voorbereid, dan nog is het belangrijk dat je achteraf samen met het kind praat, samen begrijpen wat er gebeurde of samen even niet meer weten, samen rouwen om weer een stukje oma die je kende die weg is, en samen toch weer genieten van de oma die er nu  is.

En net zoals het voor een volwassene de ziekte van alzheimer een doorlopende proces is van afscheid nemen en rouw, is dit ook voor het kind.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s